Roetdauw bestrijden doe je in twee stappen: eerst verwijder je de zwarte aanslag van de plant, daarna pak je de onderliggende oorzaak aan, namelijk de insecten die de kleverige honingdauw produceren. Doe je alleen het eerste, dan komt de roetdauw gewoon terug.
Wat is roetdauw precies?
Roetdauw is een zwarte schimmellaag die groeit op de kleverige uitwerpselen van zuigende insecten, zoals bladluis, wolluis, spintmijt en witte vlieg. Die insecten scheiden een suikerrijke vloeistof uit, honingdauw genoemd. Daarop vestigt zich een schimmel, die je herkent als een zwart, roetachtig laagje op bladeren, stengels of zelfs op meubels en tegels onder de plant.
De schimmel zelf is niet parasitair, hij groeit niet in het plantenweefsel. Maar doordat het blad bedekt raakt, kan de plant minder licht opvangen en dus minder goed fotosynthetiseren. Bij een zware aantasting verzwakt de plant zichtbaar: bladeren worden geel, groeikracht neemt af.
Roetdauw bestrijden in drie stappen
De aanpak bestaat altijd uit drie onderdelen: de schimmel wegspoelen, de insecten bestrijden en herhaling voorkomen. Sla je een stap over, dan lost het probleem zich niet duurzaam op.
- Stap 1: verwijder de roetdauw van het blad. Spoel de bladeren af met lauwwarm water. Bij hardnekkige aanslag kun je een zachte doek of spons gebruiken, eventueel licht vochtig gemaakt met een oplossing van een paar druppels afwasmiddel op een liter water. Wees voorzichtig met jonge of kwetsbare bladeren.
- Stap 2: bestrijd de insecten. Zolang bladluis of andere zuigende insecten aanwezig zijn, blijft honingdauw geproduceerd worden en keert de roetdauw terug. Gebruik een mengsel van zeepwater en spiritus als biologische optie: meng een flinke scheut spiritus en een theelepel groene zeep (of insectenzeep) door een liter water. Spuit dit mengsel op de aangetaste plant, inclusief de onderkant van de bladeren waar insecten zich vaak verschuilen. Herhaal dit om de zeven tot tien dagen totdat de plaag verdwenen is.
- Stap 3: controleer mieren. Mieren “melken” bladluizen en beschermen ze tegen natuurlijke vijanden. Zie je mieren langs de stam omhoog lopen, breng dan een kleefband of een mierenring aan rondom de stam. Zo geef je lieveheersbeestjes en sluipwespen de kans om de bladluispopulatie te verlagen.
Welke insecten veroorzaken roetdauw?
De meest voorkomende veroorzakers zijn bladluis, witte vlieg, wolluis en spintmijt. Bladluis zit vaak in dichte kolonies op jonge scheuten en aan de onderkant van bladeren. Witte vlieg vlucht op als je de plant aanraakt en vormt witte wolkjes. Wolluis herken je aan witte, wollige vlokjes in oksels van bladeren en langs stengels. Spintmijt is klein en moeilijk te zien, maar laat fijn spinsel achter en veroorzaakt een gespikkeld uiterlijk op het blad.
Het is nuttig te weten welk insect de veroorzaker is, want de aanpak kan iets verschillen. Spintmijt bijvoorbeeld gedijt slecht bij hoge luchtvochtigheid: regelmatig nevelspuiten met water helpt dan naast de zeep-spiritusoplossing. Wolluis is hardnekkiger en kan gebaat zijn bij behandeling met een wattenstaafje gedrenkt in alcohol op de moeilijk bereikbare plekken.
Chemische middelen: wanneer wel, wanneer niet?
In de meeste gevallen is de biologische aanpak met zeepwater en spiritus voldoende, zeker bij een milde tot matige aantasting. Chemische insecticiden zijn een optie bij zeer zware infecties waarbij biologische middelen onvoldoende effect hebben. Let dan op dat je een middel kiest dat veilig is voor bestuivers als je de plant buiten staat, en volg de gebruiksaanwijzing op de letter. Chemische middelen doden ook nuttige insecten en kunnen het biologisch evenwicht in je tuin verstoren, dus gebruik ze als laatste stap, niet als eerste.
Roetdauw op kamerplanten versus tuinplanten
Bij kamerplanten is de aanpak iets voorzichtiger: spuit niet te veel vloeistof op het substraat, want overmatig vochtige grond bevordert andere schimmelziekten. Veeg bladeren bij voorkeur af met een vochtige doek in plaats van te spuiten. Bij buitenplanten en struiken kun je vrijuit een tuinspuit gebruiken en ook de grond rond de plant iets vochtig houden om natuurlijke vijanden zoals roofmijten te stimuleren.
Citrusbomen, oleanders en hortensia’s zijn buitenplanten die regelmatig last hebben van roetdauw, met name bij warm en droog weer. Controleer deze planten in het voorjaar en de zomer extra goed op vroege tekenen van insectenaantasting, zodat je snel kunt ingrijpen voordat de honingdauw en de schimmel zich echt vast kunnen zetten.
Roetdauw verdwijnt niet vanzelf zolang de insecten aanwezig zijn. Combineer het schoonmaken van de plant met een consequente bestrijding van de veroorzakers, en controleer de plant daarna wekelijks. Bij vroeg ingrijpen en een goede aanpak is roetdauw in de meeste gevallen binnen twee tot vier weken onder controle.



